afb. Kris Roderburg, 2008

220. Gerit van Berkel, 1546

steensoort: maaskalksteen
maten: 107 x 123 cm
locatie: schip

Het betreft hier een gedeelte van een zerk en wel een ondergedeelte waarvan ook de rechterkant is verdwenen. De zerk ligt nu met de hoofdkant naar het oosten.
De oorspronkelijke zerk bezat tekstbanden met vergrote vierkanten als hoeken, waarin zich kwartierwapens bevonden. De linkerbenedenhoek is bewaard gebleven en toont nog een kwartierwapen.Verder zien we een cartouche in de vorm van een verhoogde, liggende rechthoek met simpele uitstulpingen aan de kanten. Hierboven is een brede band met omgeslagen zijkanten te zien, waarop zich de spreuk bevindt. Van het bovenveld zijn de ondergedeelten te zien van wat waarschijnlijk twee ruitschilden waren, gehouden door menselijke figuren waarvan de onderbenen en voeten zichtbaar zijn, met tussen beide de uiteinden van dekkleden.
De grafzerken van de Sint-Jan te 's-Hertogenbosch II (2010) 611
Le Grand Théâtre
39
Le Grand Théâtre Sacre' de Brabant, Tom. II. Part. II. (1734) 39
Smits (95.A)
. . . . . . . . . . . . . . . . .
. . . . . . . . . . . . . . . . .
1546, DEN XIII JULY;
ENDE
JUDITH VAN VECH[EL?]
QUID VALET HIC MUNDUS, QUID GLORIA?
QUID VALET TRIUMPHUS
POST MISERUM FUNUS?
PULVIS ET UMBRA SUM.



De afmeting van deze gedeeltelijk verloren zerk bedraagt 1,24 bij 1,09 Meter. Het woord valet op den zevende regel van het afschrift is op de teekening der zerk niet goed afgekort.
C.F.X. Smits, De grafzerken in de kathedrale Sint Janskerk van 's-Hertogenbosch ('s-Hertogenbosch 1912) 103
Van Epen
20
De Wapenheraut (1897) 20
Artikelen
1897

D.G. van Epen

Eenige grafschriften
De Wapenheraut (1897) 20
 
2010

Jan van Oudheusden en Harry Tummers (red.)

220. Gerit van Berkel, 1546
De grafzerken van de Sint-Jan te 's-Hertogenbosch : II Schip (2010) 611