afb. Ernst van Mackelenbergh, Rosmalen

Gewelfschilderingen

locatie: Sint Jan

Van de laat vijftiende eeuwse beschildering op de gewelven van het hoogkoor kon helaas de oorspronkelijke kleurenpracht niet meer hersteld worden.
Bij het voorzichting verwijderen van de talrijke achtiende en negentiende eeuwse kalklagen bleek dat niet op alle plaatsen in de kerk de oorspronkelijke beschilderingen nog aanwezig waren. Op de gewelfvelden van de zuiderzijbeuk en van enkele schiptraveeŽn bijvoorbeeld waren de oorspronkelijke, vroeg zestiende eeuwse beschilderingen ernstig beschadigd als gevolg van de torenbrand van 1584, zodat men daar moest vlostaan met het conserveren van de ietwat sjabloonachtige negentiende eeuwse decoratie van bladranken en bloemkoppen.
Veel levendiger is daarentegen de beschildering uit ca 1522 die op de gewelven van de derde en vierde travee van het schip kon worden blootgelegd. In een soort Hof van Eden zijn daar onbekommerd ronddartelende menselijke figuurtjes afgebeeld, evenals herten, honden, vogels en haasjes, temidden van een weelderige begroeiing. Ook de bloemmotieven die vermoedelijk rond 1500 werden aangebracht op de gewelven van het noordertransept maken een bijzonder mooie indruk, ondanks het feit dat de enigszins verbleekte kleuren door de restaurateurs nauwelijks werden opgehaald.
Het meest bijzonder is echter de beschildering van de gewelfvelden in het hoogkoor. Oorspronkelijk was hier in het begin van de vijftiende eeuw een zeer eenvoudige decoratie aangebracht van anthracietkleurige ribben met kleine rozetten in de vorm van Franse lelies rond de sluitstenen, zoals nu nog te zien is in de kooromgang. Maar enige tijd nadien, vermoedelijk nog vůůr het veertiende kapittel van het Gulden Vlies dat in 1481 in de Sint Jan werd gehouden, werden de ribben van het koor rood geverfd waarna de gewelfvelden werden voorzien van een prachtige beschildering, een voorstelling van het visioen van de Wederopkomst van Christus aan het einde der tijden. Het centrale punt in deze voorstelling is de laatste sluitsteen waarin de ribben van de absis samenkomen: op deze met bladgoud versierde ronde steen is de triomferende Christus weergegeven. Hij is gezeten in majesteit met het tweesnijdend zwaard aan de mond en toont de wonden van het kruis. Iets daarvoor is in een krans van stralen de H. Geest afgebeeld in de gedaante van een duif. Aan weerszijden daarvan tronen God de Vader als heerser over de wereld en Maria, die door een engel wordt gekroond als Koningin der Hemelen. Tussen de triomferende Christus en de kroning van Maria zij heiligen en apostelen in aanbidding weergegeven, waaronder Johannes de Evangelist, de H. Barbara, de H. Catharina en de H. Agatha. De overige gewelfvelden zijn voorzien van een wervelend koor van engelen dat wierookvaten zwaait en met bazuinen, luit, vedel en harp Gods lof bezingt. Andere engelen dragen de tekenen van de Passie: het kruis, de doornekroon, de geselroede, de hamer en de nagels, de lans en de zweetdoek van Veronica.
Het is bijzonder jammer dat de grote kleurenpracht die deze voorstelling in oorsprong bezat thans zozeer is vervaald dat de restaurateurs het niet verantwoord achtten de kleuren opnieuw aan te brengen.
De Sint Jan van 's-Hertogenbosch
 
Artikelen
1980

Redactie

Gewelfschilderingen in de Bossche Sint Jan. Vreemde figuren
Bisdomblad 58 (1980) 12
 
1983

H. Beex

Feestelijke blijdschap in de hemel van de Bossche Sint Jan. Heel oude gewelfschilderingen komen te voorschijn in de kathedraal
Bisdomblad 61 (1983) 8-9
 
2002

Paul Le Blanc

Kerk in kleur
De middeleeuwse schildering in de St.-Janskathedraal te 's-Hertogenbosch.
Commissie Zomertentoonstelling 2002 ('s-Hertogenbosch 2002)
 
 
Schilderingen hoogkoor

maart 1983

maart 1983

maart 1983

maart 1983

Onbekend

Onbekend
   
 
Schilderingen middenschip

Onbekend
     
 
Schilderingen noordertransept

Onbekend