Intern verslag 214


Het woonhuiscomplex van Gillis van Geel (Korte Waterstraat; Hinthamerstraat 14-18)

Inleiding, tevens samenvatting en conclusie

In de bronnen betreffende het hertogshof wordt regelmatig als belending een erf van wijlen Gillis van Geel genoemd. Waarschijnlijk bevond dit erf zich ten westen van het Hof van Brabant, dus tussen de Gasthuisstraat en de Korte Waterstraat. Er is sprake van een stenen huis aan het water met stukken grond aan beide zijden van de Dieze vanaf de Hinthamerstraat. Zoals met veel andere grote huizen het geval was, is ook dit huis in de loop van de vijftiende eeuw verdwenen en is het complex in verschillende kavels verdeeld. Waarschijnlijk is het woonhuis van Gillis van Geel, overleden vr 2 april 1384, al in het begin van de vijftiende eeuw afgebroken en is er een ander huis voor in de plaats gekomen.
Over de persoon van Gillis van Geel heb ik niets naders kunnen traceren. Wellicht had hij alleen een zoon Aart en een dochter Oede, die al vr genoemde datum getrouwd is met Iwijn van Vanderic (Varik?).1 In 1401/02 en 1409/10 was een Gillis van Geel schepen van 's-Hertogenbosch.2 Mogelijk was dit een neef. Deze was gegoed verderop in de Hinthamerstraat, bij In den Boerenmouw.3

Het woonhuis van Gillis van Geel

Op 2 april 1384 verkocht en transporteerde Iwijn van Vanderic, man van Oede dochter van Gillis van Geel, aan Albrecht Buc van Lith:
  • A. een erf over het water achter het woonhuis van wijlen Gillis tussen erf van wijlen heer Herman van Oss, ridder, aan de ene en tussen erf van wijlen Herman zoon van wijlen Winrik van Oyen aan de andere zijde, strekkend van het water naar achter tot aan erf van genoemde wijlen heer Herman;
  • B. het woonhuis van wijlen Gillis met zijn ondergrond naast het water aan de zijde naar de Hinthamerstraat toe tussen erf van wijlen heer Herman van Oss aan de ene zijde en tussen de openbare straat aan de andere;
  • C. een erf vr het woonhuis, strekkend met het ene eind naar de openbare straat toe tot erf van Jan van den Velde riemmaker en met het andere eind naast erf van genoemde wijlen heer Herman van Oss tot aan erf van wijlen Peter van Hijnen.
    Tot bovenstaande goederen behoorde een recht op de bebouwing van Herman.
_______________
1.Gemeentearchief 's-Hertogenbosch [GAHt] Rechterlijk archief (Bosch' protocol) [R] 1177, f 118 (1384.04.02). Achter deze akte staat onder meer: Et fiat vidimus de littera divisionis incipiente 'Arnoldus filius quondam Egidii dicti de Ghele et Ywanus dictus de Vanderic'.
2.B.C.M. Jacobs, Justitie en politie in 's-Hertogenbosch voor 1629 (Assen-Maastricht 1986) 261-262.
3.R 1181, blz. 217 (1399.11.23) en R 1190, f 136 (1417.03.26).
1

  • D. een weg aldaar, strekkend van het genoemde huis en erf tot de Hinthamerstraat tussen erf van Jan van den Velde en Gillis van Mechelen aan de ene zijde en tussen erf van wijlen Peter van Hijnen aan de andere zijde.
Gillis van Mechelen en Peter van Hijnen mochten aan de Hinthamerstraat bouwen bovenop de poort van de genoemde weg en deze bebouwing verkrijgen. Ook mochten zij hun dakdrup behouden op de weg, maar geen toiletten of goten naar de weg toe leggen en geen vensters zo hoog maken dat Albrecht daar schade van zou ondervinden. Uit het complex gingen de hertogcijns en een cijns van 30 schellingen oud geld.1

A. Erf achter het erf van Gillis van Geel over het water

Op 7 mei 1395 verkocht en transporteerde Albrecht Buc het genoemde erf A over het water aan Iwijn Stierke. De belendingen luidden: tussen erf van de hertogin een de ene zijde en erf van wijlen Winrik van Oyen aan de andere zijde. Er is sprake van bebouwing. Verder verkocht en transporteerde Albrecht aan Iwijn een stukje erf gelegen tussen het water en de Waterstraat, die strekte van de Gevangenpoort naar het water, aan de ene zijde en tussen het overige erf van Albrecht aan de andere zijde. Dit stukje erf strekte van het huis van Gijb van den Leempoel tot aan het water en was elf voet (3,16 m) lang naast het huis van Gijb, te meten vanaf het gebouw geheten pilerne van een poort aldaar naar een ander erf van Albrecht toe tot aan een kerf aldaar in de gevel van het huis van Gijb tot aan het uiterste stukje geheten een cant van de stenen muur van Albrechts huis en verder tot een breedte van drie voet (0,86 m). Het stukje erf strekte lijnrecht vanaf de genoemde breedte tot
_______________
1.R 1177, f 118: Ywanus de Vanderic, maritus et tutor legitimus ut asserebat Ode sue uxoris, filie quondam Egidii de Ghele, quandam hereditatem sitam in Buscoducis ad vicum Hijnthamensem ultra aquam ibidem currentem retro domum habitacionis dicti quondam Egidii inter hereditatem quondam domini Hermanni de Os militis ex uno et inter hereditatem quondam Hermanni filii quondam Wijnrici de Oyen ex alio, tendentem a dicta aqua retrorsum usque ad hereditatem dicti quondam domini Hermanni, atque domum habitacionis dicti quondam Egidii cum suo fundo, sitam ibidem iuxta dictam aquam in latere versus dictum vicum Hijntamensem inter hereditatem dicti quondam domini Hermanni de Os ex uno et inter communem plateam ex alio, atque hereditatem sitam ante dictam domum habitacionis, tendentem cum uno fine versus communem plateam ad hereditatem Iohannis vanden Velde corrigiatoris et cum reliqua fine iuxta hereditatem dicti quondam domini Hermanni de Os usque ad hereditatem quondam Petri de Hynen, simul cum iure dictis domui et hereditatibus competente in edificiis dicti quondam domini Hermanni de Os, ut dicebat, atque quamdam viam sitam ibidem, tendentem (a)a dictis domo habitacionis et hereditate usque ad vicum Hijnthamensem in ea quantitate qua dicta via ibidem sita est pro presenti inter (hereditatem)a Iohannis vanden Velde et Egidii de Mechlinea ex uno latere et inter hereditatem quondam Petri de Hynen ex alio, ut dicebat, hereditarie vendidit Alberto Buc de Lyt, additas? condiciones sequentes, primo videlicet quod dicti Egidius de Mechlinea et Petrus de Hynen seu eorum heredes poterunt edificare sua edificia iuxta vicum Hijntamensem supra portam dicte vie sursum et huiusmodi? edificia obtinere iuxta continentiam litterarum exinde confectarum; item quod dicti Egidius et Petrus de Hynen poterunt stillare cum eorum? stillicidiis ibidem site supra dictam viam sicut huiusmodi edificia stillant pro presenti, sed dicti Egidius et Petrus de Hynen et Iohannes vande Velde non poterunt cloacas nec guttarium dictum gote construere versus dictam viam nec edificare atque fenestras vero? tam altas quod? dicto Alberto emptori per easdem dampna quovismodo? non fiat! vel eveniat! quovis modo. Et secundum? istas condiciones promisit super habita et habenda warandiam et aliam obligationem deponere, exceptis censu domini ducis et hereditario censu xxx solidorum antique pecunie exinde solvendis. Testes Symon et Berwout. Datum sabbato post ludica. Albrecht, Leunis van Langveld en Jan van Gemert beloofden 200 oude schilden te betalen met Pinksteren naastkomend. Iwan verklaarde op 15 juni 1384 366 oude schilden te hebben ontvangen van Albrecht (R 1177, f 127v).
2

aan de kerf. Er behoorde ook toe de stenen muur tussen dat stukje erf en de openbare straat en een brug aldaar strekkend van het stukje erf tot aan het eerstgenoemde erf. Uit het eerstgenoemde erf ging een cijns van dertig schellingen oud geld. Het water van de bebouwing op het erf van wijlen Gillis van Geel aan deze zijde van het water mocht altijd zijn vrije loop over het stukje erf hebben.1
Meer dan een halve eeuw later werd dit erf, met de daarop staande bebouwing, in erfelijke cijns gegeven aan jonkvrouw Mechteld weduwe van Gerit Back. Dit gebeurde op 1 april 1449 door Goiart van Dommelen, man van jonkvrouw Geertruid dochter van wijlen Adolf Gunter en van Katelijn dochter van wijlen Iwijn Stierke. Het erf was toen gelegen tussen erf van Peter Goiartsz. van Best aan de ende zijde en erf van wijlen Goiart Heerke en zijn erfgenamen en erf van eertijds Hendrik Back, toen zijn erfgenamen, en andere mensen aan de andere zijde, strekkend vanaf het water tot erf van Agnes Keteleer. Hiernaast werd ook in erfelijke cijns gegeven een huisplaats, die Iwijn Geerlingsz. Knode van Klaas van Berkel had verkregen. Dit alles voor de hertogcijns, een cijns van dertig schellingen oud aan het Groot Ziekengasthuis uit het erf en een halve oude groot aan Klaas van Berkel uit de huisplaats, en verder voor een cijns van 21 peter aan de uitgever.2 Op 16 april 1450 transpor-
_______________
1.GAHt, Groot Ziekengasthuis 2243: Albertus dictus Buc de Lyt quandam hereditatem sitam in Buscoducis retro hereditatem quondam Egidii de Ghele ultra aquam ibidem currentem inter hereditatem domine nostre ducisse ex uno latere et inter hereditatem quondam Winrici de Oyen ex alio latere, tendentem a dicta communi aqua retrorsum ad hereditatem domine nostre ducisse predicte, prout hereditas ibidem est situata et ad dictum quondam Egidium de Ghele pertinere consuevit, simul cum edificiis in eadem hereditate consistentibus, atque quandam particulam hereditatis sitam infra dictam aquam inter communem platheam dictam communiter die Waterstraet tendentem a porta Captivorum versus predictam aquam ex uno latere et inter reliquam hereditatem dicti Alberti ex alio latere, et que particula hereditatis iamdicta tendit a domo Ghibonis dicti vanden Leempoel usque ad dictam aquam et que particula hereditatis iamdicta continet undecim pedatas in longitudine contigue iuxta dictam domum dicti Ghibonis, mensurando scilicet ab edificio dicto pilerne cuiusdam porte ibidem consistentis versus dictam aliam hereditatem dicti Alberti usque ad quandam dicam dictam communiter kerf ibidem in pariete dicte domus ipsius Ghibonis consistentem usque ad extremam particulam dictam een cant muri lapidei dicte domus Alberti predicti et ulterius ad latitudinem trium pedatarum, et que particula hereditatis tendit linealiter a iamdicta latitudine usque ad supradictam dicam kerf vocatam consistentem in dicta domo Ghibonis predicti, prout huiusmodi particula hereditatis ibidem est assignata, simul cum dicto muro lapideo consistente inter eandem particulam hereditatis et inter supradictam communem platheam, simul cum quodam ponte consistente ibidem et tendente a predicta particula hereditatis usque ad primodictam hereditatem, ut ipse dicebat, legitime et hereditarie vendidit Ywano Stierken ---, supportavit et effestucando resignavit ---, exceptis censu domini nostri ducis ipsi domino nostro duci ex primodicta hereditate atque hereditario censu triginta solidorum antique pecunie hospitali in Buschoducis ex primodicta hereditate annuatim exinde de iure solvendis ---, tali condicione apposita quod aque descendentes, stillantes et venientes pro quocumque tempore futuro de domibus et edificiis consistentibus supra hereditatem dicti quondam Egidii de Ghele sitam ibidem infra predictam aquam obtinebunt perpetue suum liberum cursum et transitum per predictam particulam hereditatis predicte. ---. Datum feria sexta post dominicam qua cantatur lubilate anno Domini millesimo cccmo nonagesimoquarto.
2.R 1219, f 52v. De grosse in Groot Ziekengasthuis 2243: Godefridus de Dommelen, maritus et tutor legitimus ut dicebat domicelle Gertrudis sue uxoris, filie quondam Adulphi dicti Gunter, ab eodem quondam Adulpho et quondam Katherina sua uxore dum vixerat, filia quondam Ywani dicti Stierken, pariter genite, quandam hereditatem sitam in Buscoducis retro hereditatem quondam Egidii de Ghele ultra aquam ibidem currentem inter hereditatem domine nostre ducisse ex uno latere et inter hereditatem quondam Wijnrici dicti de Oyen ex alio latere, tendentem a dicta communi aqua retrorsum ad hereditatem domine nostre ducisse predicte, simul cum edificiis in eadem hereditate consistentibus, quam hereditatem cum edificiis predictis Ywanus Stierken simul cum quadam alia particula hereditatis erga Aelbertum dictum Buck de Lyt emendo acquisierat --- et que hereditas predicta nunc sita est ibidem inter hereditatem Petri de Best, filii quondam Godefridi, ex uno latere et
3

teerde Mechteld het geheel aan het Groot Ziekengasthuis,1 dat zich enkele jaren later op deze plaats ging vestigen.

In het hertogelijk cijnsregister van 1520 betaalde het gasthuis de area Godefridi de Dommelen over 190 voet (54,53 m) 6 schellingen en 9 penningen. Hoe deze breedte ook is berekend, het was zeker niet de breedte aan de Hinthamerstraat.

Bezitters:

Gillis van Geel
zijn dochter Oede, gehuwd met Iwijn van Vanderic, 1384.04.02
Albrecht Buc van Lith 1395.05.07
Iwijn Stierke
zijn dochter Katelijn, tr. Adolf Gunter
hun dochter Geertruid, tr. Goiart van Dommelen, 1449.04.01
Mechteld weduwe Gerit Back 1450.04.16
Groot Ziekengasthuis

B en D. Erf van het woonhuis en een weg (Korte Waterstraat?)

Na Albrecht Buc is het woonhuis van wijlen Gillis van Geel (B) op een onbekend tijdstip in het bezit gekomen van heer Jan van Drunen, kanunnik van Sint-Pieter in Luik. Mogelijk is dit al gebeurd vr 26 april 1403. Toen kocht deze van Hendrik van der Bruggen van Helvoirt een cijns uit het stenen huis en erf van Albrecht Buc van Lith. Deze cijns had Hendrik verkregen van Ludolf Buc van Bommel,2 die hem op
_______________
 inter hereditatem quondam Gerardi Heerkini et heredum eius et inter hereditatem olim Henrici Back, nunc heredum eius, et quorundam aliorum hominum ex alio latere, tendens ab aqua predicta ad hereditatem Agnetis dicti Ketheleer ---; insuper unum domistadium, viginti duas pedatas in latitudine vel circiter iuxta vicum continens, situm in Buscoducis in hereditate quondam Gerardi de Berkel ultra Dyesam inter hereditatem Henrici Back, filii quondam Willelmi Posteel, ex utroque latere, tendens a communi vico usque ad hereditatem Henrici Stier, simul cum iure viandi per vicum ibidem situm, tendentem versus vicum Hijnthamensem similiter aliis hominibus ius viandi per eundem vicum habentibus, simul cum iure utendi ponte lapideo supra aquam ibidem fluentem posito atque cum iure utendi gradu ibidem sito iuxta aquam et cum onere conservandi pontem et gradum predictos similiter aliis personis domistadia ibidem habentibus in hereditate quondam Gerardi predicti, quod domistadium predictum Ywanus dictus Cnode, filius quondam Gerlaci, erga Nycolaum de Berkel emendo acquisierat --- dedit ad annuum et hereditarium censum domicelle Mechteldi relicte quondam Gerardi Back --- pro censu domini nostri ducis ipsi domino nostro duci et hereditario censu triginta solidorum antique pecunie hospitali in Buscoducis ex primodicta hereditate et hereditario censu domidii grossi antiqui Nycolao de Berkel ex dicto domistadio e iure solvendis, ut dicebat, --- atque pro hereditario censu vigintiunius et dimidii aureorum denariorum communiter peters vocatorum monete ducis Philippi ducis Burgondie vel valorem eorundam in alio pagamenti --- half met Kerstmis en half op Sint-Jan ---. Datum prima die mensis aprilis, feria tercia post dominica qua cantatur ludica anno millesimo quadringentesimo quadragesimooctavo. Ald. 2243 akte van dezelfde datum betreffende de mogelijkheid tot afkoop van de cijns.
1.R 1220, f 217. De cijns van 21 peter werd afgekocht op 4 maart 1451 (R 1221, f 65v; Groot Ziekengasthuis 2244), 30 september 1451 (R 1221, f 216v) en 3 augustus 1478 (R 1247, f 185; Groot Ziekengasthuis 2259).
2.R 1183, f 306: Henricus vander Brugghen van Helvoert tinctor hereditarium censum quatuor librarum monete, solvendum hereditarie Pasche de et ex domo lapidea et area Alberti Buc de Lyt, sita in Buscoducis ad vicum Hijnthamensem contigue iuxta communem aquam ibidem currentem inter hereditatem domini quondam Hermanni de Os militis ex uno et inter quandam viam spectantem ad Ywanum Stierken ex alio, atque de et ex stabulo et domibus cum suis fundis ac hereditatibus dicti
4

zijn beurt van Albrecht Buc van Lith en zijn zoon Emond had verkregen.1
De uitvoerder van het testament van heer Jan van Drunen - Wouter van Goirle, priester en kanunnik van Hilvarenbeek - en Liesbet van Drunen, dochter van Pieternel zuster van genoemde Jan van Drunen, droegen het goed vervolgens op een onbekend tijdstip over aan Jan van der Dussen. Mogelijk heeft deze het woonhuis van Gillis van Geel laten afbreken. Op 19 maart 1434 transporteerde hij aan Jan Neve, zoon van wijlen Lambrecht Neve:
  • een huis en erf met zijn ondergrond op de plaats waar het woonhuis van wijlen Gillis van Geel stond;
  • een erf gelegen vr het genoemde huis tussen de muur toebehorend aan het woonhuis van wijlen heer Herman van Oss, ridder, aan de ene zijde en tussen een weg toebehorend aan Iwijn Stierken aan de andere zijde, strekkend langs genoemde muur tot erf van wijlen Peter van Hijnen en langs de genoemde weg van Iwan tot aan erf van wijlen Jan van den Velde;
  • een weg aldaar strekkend van genoemd erf tot aan de Hinthamerstraat tussen erven van Jan van den Velde en wijlen Gillis van Mechelen aan de ene zijde en tussen erf van wijlen Peter van Hijnen aan de andere zijde (met het recht op de bebouwing van wijlen heer Herman van Oss en het recht op een poort te hangen aan het begin van genoemde weg langs de Hinthamerstraat);
  • een cijns van vier pond uit het stenen huis en erf van Albrecht Buc van Lith in de Hinthamerstraat bij het water aldaar en uit de stal en de huizen met hun toebehoren en erven van Albrecht aldaar. Deze cijns was aan Jan van der Dussen verkocht door genoemde heer Wouter van Goirle (als uitvoerder van het testament van heer Jan van Drunen) en Liesbet van Drunen.
Jan Neve zou drie uitgangen verkrijgen in een steeg op het erf van Gerit van Berkel door de stenen muur van het aan Jan Neve getransporteerde erf en de steeg en de trap bij het water mogen gebruiken met andere rechthebbenden.2
_______________
 Alberti, sitis ibidem iuxta murum dicti quondam domini Hermanni de Os, tendentibus a dicta domo lapidea et area usque ad hereditatem Margarete de Hynen, supportatum dicto Henrico vander Bruggen a Ludolpho Boc de Boemel, prout in litteris, hereditarie supportavit domino Iohanni de Druenen, decano sancti Petri Leodiensis ---. Testes, datum supra (= quinta post octavas Pasche).
1.R 1182, f 453v, blz. 994 (1402.07.13).
2.R 1204, f 57v-58: Iohannes vander Dussen domum et aream cum suo fundo, sitam in Buscoducis ad vicum Hijnthamensem in eo loco in quo domum habitacionis quondam Egidii de Ghele stare consuevit atque quandam hereditatem sitam ante dictam domum inter murum spectantem ad habitacionem domini quondam Hermanni de Os militis ex uno et inter quandam viam spectantem ad Ywanum Stierken ex alio, tendentem iuxta dictum murum habitacionis dicti quondam domini Hermanni usque ad hereditatem quondam Petri de Hijnen et iuxta dictam viam antedicti Ywani usque ad hereditatem quondam Iohannis vanden Velde; insuper quandam viam sitam ibidem, tendentem a iamdicta hereditate usque ad vicum Hijnthamensem, prout huiusmodi via inter hereditates dicti quondam Iohannis vanden Velde et quondam Egidii de Mechelinea ex uno et inter hereditatem dicti quondam Petri de Hijnen ex alio situata est, simul cum toto iure ad premissa spectante in edificiis antedicti domini quondam Hermanni de Os atque cum iure pendendi portam in principio dicte vie iuxta dictum vicum Hijnthamensem, venditas dicto Iohanni vander Dussen a domino Woltero de Goerle, presbitero et canonico Bekensi, tamquam executore testamenti domini quondam Iohannis de Druenen, canonici dum vixit ecclesie sancti Petri Leodiensis, et Elisabeth de Druenen, filia legitima quondam Petronelle sororis legitime olim dicti quondam domini Iohannis de Druenen, prout in litteris, prout dicte hereditates ibidem site sunt; insuper hereditarium censum quatuor librarum monete solvendum hereditarie Pasche ex domo lapidea et area Alberti Buc de Lyt, sita in Buscoducis ad vicum Hijnthamensem contigue iuxta aquam ibidem fluentem, atque de et ex stabulo et domibus cum suis fundis ac hereditatibus dicti Alberti ibidem sitis, venditum dicto Iohanni vander Dussen a domino Woltero de Goerle et Elisabeth predictis, prout in litteris, hereditarie vendidit Iohanni Neve, filio quondam Lamberti Neve,
5

Op 27 april 1435 transporteerde Jan Neve, zoon van wijlen Lambrecht Neve, aan Jan zoon van wijlen Michiel van Binderen:
  • de bovengenoemde weg;
  • een stukje erf genomen uit het bovengenoemde erf, gelegen achter het erf van genoemde wijlen Peter van Hijnen;
  • voornoemde weg tussen een daar aangelegde weg op het erf van wijlen heer Herman van Oss aan de ene zijde en tussen erven toen toebehorend aan Wouter de Bie zager en tussen erf van wijlen Jan van Eertbruggen aan de andere zijde, strekkend van het erf van Peter van Hijnen en de weg tot een stenen gevel op het voornoemde erf en tot een ander stukje erf aldaar van het genoemde erf genomen, welk eerstgenoemd stukje erf 49 voet (14,06 m) lang was, te meten vanaf de gevel tot het erf van Peter van Hijnen. Hiertoe behoorde ook het recht om tegen en in de genoemde gevel te bouwen.
De verkrijger moest de gebuurcijnzen en het vijfde deel van de grondcijns betalen. Jan Neve en zijn rechtsopvolgers van het resterende deel van het erf mochten de verkrijger en zijn rechtsopvolgers niet manen inzake de cijns van vier pond. De verkreger kreeg het recht op een uitgang door de muur van Jan van Dussen op het erf van wijlen Gerit van Berkel en het eerder vermelde recht op de steeg en de trap.1 Het is dus duidelijk dat Jan Neve enkele delen van het eerder door hen verkregen complex heeft vervreemd.
_______________
 cum litteris, allis et iure, promittens et cum eo Florencius vander Dussen eius filius indivisi super omnia et habenda et specialiter dictus Florencius sub obligatione omnium hereditatum in latere sequenti habentium, sibi a dicto suo patre supportatarum - et omnes ille hereditates nominentur ad longum warandiam et obligationem et impetitionem deponere, exceptis iuribus vicinorum et censu fundi et dicto censu quatuor librarum, salvis dictis Iohanni de Dussen et Florencio promissionibus eis hodierna die promissis ---, tali condicione annexa quod dictus Iohannes Neve habebit et hereditario iure optinebit et possidebit tres exitus in quodam viculo ibidem ordinato in hereditate dicti quondam Gerardi de Berkel per murum lapideum hereditatis dicto Iohanni Neve ut premittitur supportate, et utetur eodem viculo et gradu ibidem iuxta aquam consistente similiter aliis hominibus ius in eisdem viculo et gradu habentibus ---. Datum xix marcii, sexta post ludica.
1.R 1205, f 63v-64: --- dictus Iohannes Neve supradictam viam ibidem a supradicta hereditate, tendentem versus vicum Hijnthamensem inter hereditatem dicti quondam Iohannis vanden Velde et quondam Egidii de Mechlinia ex uno et inter hereditatem dicti quondam Petri de Hijnen ex alio, necnon quandam particulam hereditatis sumptam de supradicta hereditate, que particula sita est ibidem contigue retro hereditatem dicti quondam Petri de Hijnen, ac viam predictam inter quandam viam ibidem ordinatam in hereditate dicti quondam domini Hermanni de Os ex uno et inter hereditates nunc spectantes ad Wolterum die Bye sarratorem et inter hereditatem quondam Iohannis de Eert-bruggen ex alio, tendentem ab eisdem hereditate quondam Petri de Hijnen et via predicta ad quoddam edificium lapideum stenen ghevel vocatum in predicta hereditate consistente necnon ad quandam aliam particulam hereditatis ibidem de eadem predicta hereditate sumptam, et que particula hereditatis primodicta continet quadragintanovem pedatas in longitudine, mensurando a dicto edificio lapideo stenen ghevel vocato usque ad hereditatem dicti quondam Petri de Hijnen, simul cum iure edificandi ad et in supradicto edificio lapideo stenen ghevei vocato in supradicta hereditate situato, ut dicebat, hereditarie supportavit Iohanni filio quondam Mychaelis de Bijnderen --- exceptis iuribus vicinorum ad premissa dicto Iohanni filio quondam Michaelis ut prefertur supportatas et quinta parte census fundi exinde e iure solvendi, ut dicebat, tali condicione annexa quod dictus Iohannes Neve vel pro tempore possessores reiique partis hereditatis supradicte super dictum censum quatuor librarum monete predicte non monebuntur ad et supra premissa dicto Iohanni filio quondam Mychaelis ut prefertur supportata, hoc eciam adiuncto quod dictus Iohannes filius quondam Mychaelis habebit et hereditario iure optinebit et possidebit unum exitum in quodam viculo ibidem ordinato in hereditate quondam Gerardi de Berkel per murum lapideum dicti Iohannis de Dussen et utendi eodem viculo et quodam gradu ibidem iuxta aquam ibidem consistente similiter aliis hominibus ius in eodem viculo et gradu habentibus. Testes Os et Spina. Datum xxvii apriis, quarta post Quasi modo.
6

Bij schepenvonnis verkreeg heer Meus Crom, priester, als rector van het altaar van Maria en Allerheiligen in de Sint-Jan het stenen huis, het erf vr het huis, de cijns van vier pond uit het huis van Albrecht Buc van Lith, de weg naar de Hinthamerstraat, het recht in de bebouwing van wijlen heer Herman van Oss, het recht om een poort te hangen aan de Hinthamerstraat en de stal en huizen van Albrecht bij de muur van Herman van Oss. Op 11 februari 1475 transporteerde hij die aan heer Thomas van Borken, priester.1 Hierna is het complex weer in het bezit gekomen van genoemd altaar. Op 7 april 1498 droegen zij het over aan Liesbet weduwe van Dirk Pels. Er was toen sprake van een stenen huis met drie kameren daaraanliggend in de straat geheten dat Hoff van Brabant - de latere Gasthuisstraat - tussen de openbare Dieze en tussen erf van Jan van Tuyftheze en zijn kinderen, strekkend van de openbare straat tot erf van eertijds Koenraad van der Hage, later van mr. Goiart van Kampen.2
_______________
1.R 1244, f 293v-294: Dominus Bartholomeus Crom, presbiter, tamquam rector altaris beate Marie virginis et Omnium sanctorum, siti in ecclesia sancti Iohannis in Buscoducis, domum lapideam cum suo fundo, sitam in Buscoducis ad vicum Hijnthamensem in eo loco in quo domus habitacionis quondam Egidii de Ghele stare consuevit, atque quandam hereditatem sitam ante dictam domum lapideam inter murum spectantem ad habitacionem domini quondam Hermanni de Os, militis ex uno et inter quandam viam spectantem ad Yewanum Stierken ex alio; atque hereditarium censum quatuor librarum monete, solvendum hereditarie Pasche de et ex domo lapidea et area Aelberti Buc de Lyt, sita in Buscoducis ad vicum Hijnthamensem contigue iuxta aquam ibidem currentem; item quandam viam sitam ibidem, tendentem ab hereditate quondam Iohannis dicti vanden Velde usque ad vicum Hijnthamensem, prout huiusmodi via inter hereditates dicti quondam Iohannis vanden Velde et quondam Egidii dicti Meelman ex uno et inter hereditatem Petri de Hijnen ex alio situata est pro presenti; item totum ius ad premissa spectans in edificiis antedicti domini quondam Hermanni de Os, atque ius pendendi portam in principio? dicte vie iuxta dictam viam Hijnthamensem contigue iuxta aquam ibidem currentem, atque stabulum ac domos cum suis fundis ac hereditatibus dicti Aelberti ibidem sitis iuxta murum dicti domini quondam Hermanni de Os, miitis, quos hereditates, ius et censum dictus dominus Bartholomeus erga Nycolaum de Lymborch per iudicem mediante sententia scabinorum de Buscoducis emendo acquisierat, prout in litteris; insuper quecumque arrestadia sibi restantibus de quibuscumque censibus sibi ex premissis solvendis, ut dicebat, hereditarie supportavit domino Thome de Borken, presbitero ---. Datum xi februarii.
2.R 1266, f 147: --- que domus lapidea cum tribus cameris sibi mutuo lateraliter coadiacentibus nunc sita est in Buscoducis in vico dicto dat Hoff van Brabant inter communem Diesam ibidem fluentem ec uno et inter hereditatem quondam Iohannis de Thuyfheeze et eius liberorum ex alio, tendens a communi vico ad hereditatem olim Coenrardi vander Hage, depost magistro Godefrido de Campo.
7

Bezitters van het huis ter plaatse van het huis Gillis van Geel:

Gillis van Geel
zijn dochter Oede, gehuwd met Iwan van Vanderic 1384.04.02
Albrecht Buc van Lith
??
Jan van Drunen, kanunnik van Sint-Pieter in Luik
de uitvoerders van zijn testament en Liesbet dochter van Pieternel zuster van Jan
van Drunen
Jan van der Dussen 1434.03.19
Jan Lambrechtsz. Neve
bij schepenvonnis
Klaas van Limburg
Bartholomeus Crom als rector van het altaar van Onze-Lieve-Vrouw en Allerheiligen
in de Sint-Jan stenen huis 1475.02.11
Thomas Borken, priester, bij testament?
altaar van Onze-Lieve-Vrouw en Allerheiligen in de Sint-Jan 1498.04.07
Liesbet weduwe Dirk Pels (testament 1513.05.28)

Een stukje erf van 32 voet lang, later twee kameren

Jan zoon van wijlen Michiel van Binderen transporteerde op 29 april 1439 aan Dirk van Schijndel spoormaker een stukje erf genomen uit het voorgaande complex, welk stukje gelegen was naast de stenen gevel en strekte van de gevel tot de Hinthamerstraat tot het overige erf van Jan. Dit stukje erf was 32 voet (9,18 m) lang. Er stonden twee kameren op. Het was gelegen tussen de weg op het erf van wijlen Herman van Oss en tussen erf van Katelijn van Eertbruggen.1 Op 5 maart 1440 transporteerde Jan van Binderen dit goed aan Jan Tuppens (Toppens), zoon van Hendrik Tuppens zwaardveger. Dirk had aan Jan van Schijndel toegestaan om te bouwen in de gevel tussen de twee kameren en het overige erf van Jan in de Hinthamerstraat bij des Hertogenhoff. Het dak van de nieuwbouw moest hard zijn en niet hoger dan de twee kameren. Jan van Binderen droeg die toestemming over aan Jan Tuppens.2
_______________
1.R 1209, f 216-216v: --- dictus Iohannes filius quondam Mychaelis de Bijnderen quandam particulam hereditatis sumptam de premissis eidem Iohanni a dicto Iohanne Neve ut prefertur supportavit que sita est ibidem contigue iuxta dictum edificium lapideum stenengevel vocatum et tendit a eodem edificio stenenghevel vocato versus vicum Hijnthamensem usque ad reliquam particulam hereditatis eiusdem Iohannis ad longitudinem xxxii pedatarum vel circiter, ut dicebat, simul cum edificiis supra dictam particulam hereditatis consistentibus et que edificia nunc due camere esse dinoscuntur et site sunt inter quandam viam ibidem ordinatam in dicta hereditate domini quondam Hermanni de Os ex uno et inter hereditatem Katherine van Eertbruggen ex alio in ea quantitate qua dicte camere cum earum fundis ibidem site (sunt)a et constructe, ut dicebat, simul cum iure utendi via predicta et gradu aquatili ibidem consistente similiter aliis hominibus ius in eisdem habentibus, ut dicebat, hereditarie supportavit Theoderico van Scijnle die spoermeker --- et excepta tercia parte census domino nostro duci ex dictis integris hereditatibus de iure solvendis ---. Datum penultima aprilis 4a post lubilate.
a Dit woord ontbreekt.
2.R 1210, f 177: ---. Notum sit universis quod cum Theodericus de Scijnle die spoermeker palam consensisset Iohanni filio quondam Michaelis de Bijnderen quod idem Iohannes posset edificare in quodam pariete sito inter duas cameras dicto Theoderico a Iohanne predicto supportatas et inter reliquam hereditatem dicti Iohannis sitam in Buscoducis ad vicum Hynthamensem iuxta hereditatem dictam des Hertogenhoff, ita videlicet quod dictus Iohannes sua edificia ibidem edificanda tegi faciet in tectu duro et quod ipse non alcius edificaret quam dicte due camere constructe sunt, prout in
8

Op 17 januari 1444 transporteerde Jan Tuppens deze overeenkomst aan Jan zoon van wijlen Hendrik van Tuyftheze.1
Op 19 maart 1443 verkocht Dirk aan Wouter van Aarle, zoon van wijlen Hendrik, een cijns van zeven pond uit deze twee kameren, die gesitueerd werden tussen erf van wijlen Jan Jansz. van Oetheren en de steeg, strekkend van erf van Jan Topkens zwaardveger tot erf van Dirk van Schijndel.2 Wouter droeg deze cijns op 18 maart 1447 over aan Heilwig weduwe van Gerit Groy.3
Op 10 maart 1487 ten slotte transporteerde Bartholomeus Crom namens het altaar van Onze-Lieve-Vrouw en Allerheiligen de twee kamers aan Geertruid weduwe van Jan van Tuyftheze. Hoe de kameren in het bezit van het altaar gekomen zijn blijkt niet uit de akte, waarin wel de overdracht van het voorgenoemde stenen huis is opgenomen.4

Bezitters:

Jan Michielsz. van Binderen 1439.04.29
Dirk van Schijndel spoormaker
zijn weduwe Goderardis vruchtgebruik 1478.12.12
haar zoon Dirk Dirksz. Spoormaker
??
Altaar van Onze-Lieve-Vrouw en Allerheiligen 1487.03.10
Geertruid weduwe Jan van Tuyftheze

Huis met ondergrond van 43 voet lang

Op 9 december 1439 transporteerde Jan Neve, zoon van wijlen Lambrecht Neve, aan Dirk Spoormaker een huis met zijn ondergrond van 43 voet (12,34 m) lang met
_______________
 litteris, constitutus igitur dictus Iohannes filius quondam Michaelis de Bijnderen dictum consensum hereditarie supportavit dicto Iohanni Tuppens.
1.R 1214, f 150 nw.
2.R 1213, f 68v: Theodericus van Scijnle calcariator hereditarie vendidit Woltero van Aerle, filio quondam Henrici, hereditarium censum septem librarum monete, solvendum hereditarie nativitatis Domini de et ex duabus cameris cum earum fundis, sitis in Buscoducis in vico Hijnthamensi ad locum dictum int sHertogenhof inter hereditatem quondam Iohannis filii Iohannis vanden Oetheren ex uno et inter communem viculum ibidem ex alio, tendentibus ab hereditate Iohannis Topkens forbitoris ad hereditatem dicti Theoderici de Scijnle ---. Testes, datum supra (= xix marcii, 3a post Reminiscere).
3.R 1217, f 300v. Op 12 februari 1490 droeg het Blok van het Hinthamereinde 2 pond van deze cijns over aan Jan zoon van wijlen Dirk van Schijndel spoormaker. Heilwig weduwe van Gerit Groy had deze 2 pond in haar testament vermaakt (R 1259, f 114v).
4.R 1257, f 250-251: dominus Bartholomeus die Crom tamquam rector dicti altaris in presencia et de expressis consensu et voluntate dominorum magistri Godefridi de Campo et Iohannis die Cock, canonicorum capituli ecclesie sancti Iohannis evangeliste pretacte, per dominos decanum et capitulum eiusdem ecclesie ad infrascripta faciendum specialiter deputatorum, ut dicebat, duas cameras cum earum fundis unacum parte dicte vie eisdem duabus cameris ibidem retro et contigue adiacente, sumptas de hereditatibus predictis, sitis ibidem inter quemdam viculum tendentem a vico Hijntamensi usque locum dictum tHoff van Brabant ex uno et inter hereditatem Katherine de Eertbruggen et Katherine sByeen, filie quondam Wolteri, ex alio, et tendunt a reliqua hereditate domorum? et area dicti domini Bartholomei, quodam ephicausterio steenen gevel communiter vocato antrorsum usque ad hereditatem Geertrudis relicte quondam Iohannis de Tuyftheze et eius liberorum, simul cum iure et potestate edificandi et edificia sua, videlicet earundem camerarum per anchoras et alias prout conveniens fuerit in dicto ephicausterio firmandi, ut dicebat, hereditarie supportavit eidem Geertrudi relicte quondam Iohannis de Thuuftheze.
9

de helft van een stenen gebouw aan het eind van dit huis en erf tussen dit huis en overig erf van Jan Neve en met de hele stenen gevel aan het andere eind tussen hetzelfde huis en tussen erf van Dirk Spoormaker, zoon van wijlen Dirk van Schijndel spoormaker; bovendien een stukje erf genomen uit het eerstgenoemde erf, gelegen naast het genoemde huis en erf, welk huis en erf toen gelegen waren tussen de weg op het erf van wijlen Gerit van Berkel aan de ene en tussen erf van Hendrik Stiers en erf van Katelijn van Eertbruggen aan de andere zijde. Waarschijnlijk behoorde er ook een rookkanaal - de rooster van een schoorsteen? - toe. Dirk mocht op het stukje erf geen bebouwing zetten die aan het woonhuis van Jan Neve licht zou ontnemen.1

In het hertogelijk cijnsregister van 1520 betaalde Lambrecht van den Broek een cijns van 12 3/4 penning de area Iohannis Neve en een halve penning voor grond achter zijn huis. Jan van Tuyftheze betaalde 4 1/4 penning van hetzelfde erf.2 Dit complex was 40 voet breed. Hoewel de namen Tuyftheze en Neve ook in de vijftiende eeuw als bezitters van dit en het voorgaande perceel vermeld worden, is het verband niet geheel duidelijk. Helaas is het schepenprotocol tussen 1500 en 1520 nog niet gendiceerd.3

Bezitters:

Jan Lambrechtsz. Neve 1439.12.09
Dirk (van Schijndel) Spoormaker
_______________
1.R 1210, f 122v: quandam domum cum suo fundo, xliii pedatas in longitudine continentem, simul cum medietate edificii lapidei consistentis in fine dicte domus et aree inter dictam domum et reliquam hereditatem ... Iohannis Neve atque? cum integro edificio lapideo stenen gevel vocato consistente in reliquo fine elusdem domus inter eandem domum et inter hereditatem Theoderici Spoermeker, filii quondam Theoderici van Scijnde! calcariatoris; insuper quandam particulam hereditatis sumptam de primodicta hereditate que sita est contigue iuxta iamdictam domum et aream, et que domus et area nunc site sunt ibidem inter dictam viam ordinatam in dicta hereditate quondam Gerardi de Berkel ex uno et inter hereditatem Henrici Styers et hereditatem Katherine van Eertbruggen ex alio.
2.Rijksarchief Brussel, Rekenkamers 45067, f 16:
Lambertus vanden Broeck de area Iohannis Neve
xii d. iii ort.

Idem retro domum
ob.

Iohannes de Tuyftheze de eadem hereditate
liii d. i ort.

Achter bovenstaande drie posten:
tenent xl ped.

3.Retroprojectie vanaf het heden zal zeker meer duidelijkheid bieden, maar het hiervoor benodigde onderzoek valt buiten het kader van het hier gepresenteerde.
dr. M.W.J. De Bruijn, Utrecht december 2010
10